Oefeningen les 6

We gaan de woordjes die je in les 6 hebt geleerd er even wat verder instampen met wat oefenzinnetjes.
Ready? Go!

Kies het juiste woord

Vul op de stippellijn een van de woordjes uit les 6 in. Weet jij welk woord er moet staan?


berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

1. Mijn telefoontijd een beetje ……………….. kan geen kwaad.

Antwoord
reduceren

berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

2. Mijn moeder vindt dat ook en ……………………………… dat wat de meester zei.

Antwoord
onderschrijft

berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

3. Ik heb van haar al vaker een ……………………. gekregen omdat ik alleen maar naar het scherm zat te turen.

Antwoord
berisping

berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

4. Nou is …………………. wat overdreven, maar wel vaak.

Antwoord
continu

berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

5. Dat ik eigenlijk echt geen dag zonder kan is toch eigenlijk ………………

Antwoord
van de gekke

Zeg het mooier

Vervang in onderstaande zinnen de cursief gedrukte woorden door een van de woordjes die je in deze les geleerd hebt. Op deze manier leer je mooie zinnen met moeilijke woordjes te maken.


1. In huis verveel ik me sneller.

Antwoord
Binnenshuis

2. Op zulke momenten ben ik dankbaar voor het hebben van een telefoon!

Antwoord
erkentelijk

3. Hij beweert wel vaker zulke dingen.

Antwoord
insinueert

4. Dat ik al mijn aantekeningen kwijt ben is echt een ramp!

Antwoord
catastrofe

5. Ik had mijn huiswerk even snel en niet zo goed gedaan.

Antwoord
afgeraffeld

Vorm een zin met de woordjes

Je kent het inmiddels; we gaan kijken of we een zelfgemaakte zin met de woordjes kunnen bedenken. Lukt het je om minimaal 6 van de 10 woorden te gebruiken?

Hieronder de 10 woorden:

berisping – insinueren – catastrofe – afraffelen – onderschrijven – binnenshuis – continu – reduceren – het is van de gekke – erkentelijk

Onze onzin zin met 9 van de 10 woordjes erin! 🙂
Het is toch van de gekke dat jij insinueert dat ik onderschrijf dat ik erkentelijk ben voor de berisping die ik kreeg voor het weigeren van het reduceren van mijn telefoongebruik binnenshuis…

Tijd voor de test

Goed gedaan! De woordjes zitten er inmiddels vast goed in. Tijd voor de test >>